De "ware" Bearded Collie-standaard



Algemene verschijning

De Bearded Collie is een hond van een robbedoesachtig voorkomen, die er in het dagelijks gebruik niet al te netjes uitziet. Hij is qua formaat precies groot genoeg om een hele bank te bezetten en net klein genoeg - die sporadische keren dat de baas hem bij het veroveren van de bank te snel af is - zelf te denken dat hij er nog wel bij kan.
De Bearded Collie is zeer op zijn baas en diens nabijheid gesteld en wel in die mate, dat hij de baas continue voor de voeten loopt. Deze typische eigenschap openbaart ondermeer bij zeer nauwe doorgangen, waar de Beardie zich net op het laatste moment doorheen weet te wurmen.

Karakteristieken
De Bearded Collie is een zeer levendige en actieve hond, vooral op de momenten dat het minder goed uitkomt. Ook is hij zeer intelligent, de variatie in spelletjes, die hij geheel zelf weet te bedenken, is schier onuitputtelijk.
Aangezien de Beardie van oudsher een werkhond is, steekt hij graag de poten uit de mouwen - voorkeur daarbij hebben werkzaamheden als het graven in de tuin en het bijeenbrengen c.q. achternajagen van schapen (eventueel te vervangen door brommers, fietsers, paarden en elk ander voorwerp dat zich met enige snelheid door zijn gezichtsveld beweegt).
De Beardie is door die "werk"inslag goed gehoorzaam te krijgen.... tot het moment dat hij zelf het nut van een en ander niet inziet. Mede om deze eigenschap is hij een populaire verschijning op gehoorzaamheidscursussen, waar vooral medecursisten veel plezier aan hem beleven.
De Beardie is geen agressieve hond. Vreemden worden vaak enthousiast begroet met het zogenaamde "Beardieblaf- en pootritueel": er wordt uitbundig geblaft en de kleding van de bezoeker (bij voorkeur een lichte tint) wordt daarbij door de zich van zijn immense populariteit bewuste Beardie rijkelijk voorzien van handtekeningen.
Het is voorgekomen dat een inbreker hierdoor op de vlucht sloeg. Veelvuldig echter zijn de voorbeelden van goede vrienden en kennissen, die zich na zo'n begroeting nooit meer hebben vertoond.

Hoofd
De Bearded Collie is voorzien van een vrij breed hoofd met veel hersenruimte, die bij het bekloppen echter vaak verdacht hol klinkt. Toch schuilt er in de welgevormde schedel doorgaans een sterke fantasie, die met name naar buiten treedt in het bedenken van allerlei spelletjes en kattekwaad. De Beardiekop is getooid met een ferme snuit, die graag overal ingestoken wordt. De neus is zwart of passend bij de kleur van de vacht of de substantie waar hij het laatst ingezeten heeft.

Ogen
De ogen lijken vaak nauwelijks zichtbaar achter en onder de rijke beharing. Het is echter een misverstand te denken, dat de hond daardoor slecht ziet. Integendeel: er ontgaat de Beardie maar weinig - veel te weinig. De uitdrukking in de ogen varieert van vriendelijk en innemend, tot melancholiek en uitgesproken melig.
Met de ogen "fixeert" de Beardie vanouds schapen. Aangezien schapen echter niet meer voorkomen in het gemiddeld leefmilieu van de moderne Bearded Collie, richt de hond zijn fixeerinstinct tegenwoordig vaak op allerlei etenswaar. Op deze wijze blijft deze belangrijke eigenschap dus toch in het ras behouden.

Oren
De oren zijn vaak beweeglijk en zij vormen het zintuig, waarmee de Beardie vaak het eerste contact krijgt met brommers, sirenes, blaffende collega's, etc. Welk contact meestal leidt tot enthousiaste actie.

Tanden
De Beardie is voorzien van sterke tanden, die zich niet laten imponeren door welke kauw- of ander ten onrechte daarvoor aangezien materiaal dan ook. Hoewel de meeste Beardies zijn voorzien van een schaargebit zijn er ook andere vormen, zoals de overbeet, die zich goed lenen voor specialistische eettechnieken.
De Beardie bezit de eigenschap om aan de voorkant (= eetkant) allerlei lekkernijen op onnavolgbare wijze spoorloos en zeer rap tussen de rijke beharing te doen verdwijnen. Dit is op feesten en partijen, waarbij de Beardie de kans krijgt zijn verdwijntruc meerdere malen te vertonen, vaak een bron van vermaak, niet in de laatste plaats voor de hond zelf. De tond van de Beardie dient apart vermeld te worden. Deze frisroze van kleur en de Beardie gebruikt hem graag om er de baas zijn liefde mee te betuigen.

Lichaam
De voorhand en de hals dienen goed ontwikkeld te zijn, zodat het meetorsen van grote stokken niet te snel tot vermoeidheid leidt. De achterhand is zeer gespierd om een vliegende start en snelle sprint mogelijk te maken. Daarbij grijpen de poten ver uit, maar nooit ver genoeg om het konijn of ander vluchtig voorwerp te pakken te krijgen. De borst is diep om de Beardie voldoende adem te geven bij de vele uiteenlopende lichaamsoefeningen waarbij hij zich graag uitleeft.

Voeten
De voeten moeten groot genoeg zijn om een optimale bevuiling van de diverse soorten vloeren mogelijk te maken. Dit komt het beste tot uiting op vloeren die zojuist gedweild of gezogen zijn. De voeten moeten bovendien van zoveel haar voorzien zijn, dat er bij sneeuw ijsklompvorming kan optreden. Dit ter bevordering van een optimale relatie tussen mens en hond, immers het verwijderen ervan door de baas schept gevoelens van dankbaarheid bij de hond, waardoor de hond toch nog het nut van de baas leert inzien.

Staart
De staart is lang en de Beardie kwispelt er graag mee om de fabrikanten van serviesgoed e.d. ter wille te zijn. De staart is bovendien doorgaans voorzien van een forse witte punt om het zien van de Beardie in het donker te vergemakkelijken.

Gangen
Het gangwerk van de Beardie is soepel en vloeiend, zodat hij met zo min mogelijke inspanning zo lang mogelijk kan rennen en hollen.

Vacht
De vacht is van een zodanige lengte en samenstelling, dat er zelfs bij mooi en droog weer toch een ruime hoeveelheid rotzooi mee naar huis genomen kan worden. Om dat te helpen bewerkstelligen maakt de slimme Beardie vaak gebruik van hulpmiddelen: plassen, sloten, rottende bladeren, etc. De vindplaatsen hiervan weet de Beardie vaak op zelfs grote afstand te vinden. Door de combinatie van deze vacht met het gastvrije en hartelijke karakter van de Beardie verleent de hond vaak onderdak aan dakloze gasten als teken en vlooien.

Kleur
De Beardie komt voor in diverse kleuren en bovendien kan hij er, afhankelijk van zijn activiteiten, vele andere aannemen. Zo kunnen van nature zwarte Beardies zich als bruine of grijze vermommen door op gepaste wijze in zand of modder te rollen. Opvallend daarbij is, dat de Beardie er een voorliefde voor lijkt te hebben het wit in zijn vacht te v
erdoezelen.